Steun ons en help Nederland vooruit

Publicaties

Vertrouwen in wethouder Loonen opgezegd

Vorige week heeft de gemeenteraad onder embargo het definitieve rapport van Berenschot ontvangen. De fractieleden van D66 hebben afzonderlijk het rapport goed bestudeerd. Daarna hebben we het gezamenlijk uitgebreid besproken. Na een stemming zijn wij unaniem tot een oordeel gekomen. In deze bijdrage wordt beschreven met welke argumenten wij tot deze conclusie zijn gekomen. Daarbij baseert D66 zich op het rapport van Berenschot. Wij hechten eraan te benadrukken dat het hierbij gaat over de handelswijze van wethouder Loonen in het Loobeekdal. Niet over de persoon Jan Loonen waarmee wij zeven jaar lang op prettige manier hebben samengewerkt.

Kijkend naar het rapport zijn wij van mening dat Berenschot goed werk heeft geleverd. Op een heldere en objectieve wijze wordt inzicht gegeven in de handelswijze van de wethouder in het dossier Loobeekdal en de gronddeal met het waterschap.

Dan de inhoud, beginnend bij de slotconclusie. De wethouder heeft volgens Berenschot voor het overgrote deel gehandeld in overeenstemming met de gedragscodes integriteit. Een selectieve lezer zou het boekwerk dichtslaan en zeggen: “Niks aan de hand.” Maar het venijn zit hem natuurlijk in het woordje ‘overgrote’. Dit lezen wij als zijnde de handelingen die de wethouder op zijn minst had moeten doen. In grote lijnen zijn dit het melden van zijn belangen bij de burgemeester, en het niet deelnemen aan de beraadslaging en besluitvorming omtrent deze belangen. Berenschot heeft geen aanwijzingen van belangenverstrengeling. Wel wordt een helder beeld geschetst van de wethouder die in de onderhandelingen met het waterschap het onderste uit de kan heeft willen halen. Daarbij ziet Berenschot drie risicovolle situaties waarbij de wethouder onvoldoende alert is geweest zodat enige schijn van belangenverstrengeling is ontstaan. Dat zijn:

1. De wethouder had in de onderhandelingen een rol op de voorgrond. Door het waterschap werd hij ook gezien als woordvoerder van zijn familie.

2. De wethouder heeft afspraken met het waterschap gemaakt die aan de gemeente Venray gericht waren.

3. Het gesprek op zaterdag 5 november 2016 met de heer Driessen, zonder adviseurs en zonder ambtelijke ondersteuning.

Onze fractie tilt zwaar aan deze punten. Een wethouder moet actief en uit zichzelf de schijn van belangenverstrengeling tegengaan. Dat is hier niet gebeurd. Sterker nog, wij zijn van mening dat de wethouder in deze situaties de schijn van belangenverstrengeling heeft gewekt. De wethouder had in de onderhandelingen nooit een rol op de voorgrond mogen spelen, afspraken met het waterschap niet aan de gemeente Venray moeten richten en het gesprek met de heer Driessen had in die samenstelling nooit plaats mogen vinden.

Vanaf 2018 is de wethouder vicevoorzitter van Lokaal Waterbelang. Dit heeft hij niet openbaar gemaakt. Het is duidelijk dat de wethouder had moeten melden dat hij vicevoorzitter is van Lokaal Waterbelang. Sterker, deze functie had neergelegd moeten worden zodra duidelijk werd dat er een onderzoek zou worden ingesteld naar de handelswijze van de wethouder.

Een gesprek in 2014 met een medewerker van het waterschap, de familie Loonen, de wethouder, en een medewerker van de gemeente Venray. Dit gesprek was thuis bij de broer van de wethouder. Onderdeel van dit gesprek: een agrarisch bouwblok tegenover Beek 1.Dit gesprek in 2014 waarbij een medewerker van de gemeente Venray en de wethouder bij aanwezig waren, had in onze ogen in die samenstelling nooit plaats mogen vinden.

De gemeenteraad niet op de hoogte stellen van de afspraken met het waterschap. Bij het vaststellen van het bestemmingsplan Loobeekdal Venrays Broek/Spurkt had de gemeenteraad volgens ons actief geïnformeerd moeten worden over de afspraken die de wethouder met het waterschap had gemaakt. In de bekende 32-puntenlijst staan namelijk punten benoemd die strijdig zijn met de in het bestemmingsplan geschetste doelen ten aanzien van natuur.

Verder vinden wij het erg jammer dat het waterschap geen volledige openheid van zaken heeft willen geven aan Berenschot. Nu roept het vragen op terwijl het duidelijkheid had kunnen geven. Wellicht ook ten aanzien van de tegenstrijdige verklaringen tussen de wethouder en het waterschap. In totaal tellen wij in het rapport acht van dit soort tegenstrijdige verklaringen. Dit afgezet tegen de drie situaties waarin de schijn van belangenverstrengeling is gewekt en de drie punten waarvan wij vinden dat de wethouder onjuist heeft gehandeld, weten we niet meer wie we moeten geloven. In dit soort dossiers moet je elkaar volledig kunnen vertrouwen. Dat vertrouwen is nu weg.

Op basis van het rapport concludeert de fractie D66 Venray dan ook dat wethouder Loonen door zijn handelswijze de schijn van belangenverstrengeling heeft gewekt. Als gevolg daarvan zegt de fractie haar vertrouwen in wethouder Loonen op.

Na deze moeilijke en zware conclusie blijft de vraag over: Hoe kunnen we het risico op gelijkaardige situaties in de toekomst zoveel mogelijk beperken? Daarvoor doet Berenschot een aantal aanbevelingen die ook wij graag willen overnemen. Sommige hadden we wellicht zelf eerder kunnen verzinnen. Dat is niet gebeurt. Daarmee heeft de raad onbewust het risico laten bestaan dat een kwestie als deze zich voor zou kunnen doen. Ook het interne rapport van het CDA Limburg, ‘Integriteit door identiteit’, biedt voor alle politiek partijen aanknopingspunten om eens goed in de spiegel te kijken. Alles wat niet verboden is, is niet per definitie moreel verantwoord.

Verder is wederom aangetoond dat een goede onafhankelijke pers erg belangrijk is. Uit het rapport blijkt dat de raad onvoldoende actief is geïnformeerd over de gronddeal. Zonder de publicaties hieromtrent was er wellicht nooit een onafhankelijk onderzoek ingesteld.

In dit kader heeft ook onze burgemeester een dubieuze rol gespeeld. Aan het einde van dit proces is het tijd om ook daar een oordeel over te vellen. Als hoeder van de integriteit zou de burgemeester een neutrale positie moeten innemen. Zeker bij een primaire reactie mag een burgemeester niet de indruk wekken partij te kiezen. Dat heeft hij hier wel gedaan. Daarmee zette hij zichzelf buitenspel en heeft de raad noodgedwongen de regie over het proces een onafhankelijk onderzoek in te stellen naar zich toe moeten trekken. De fractie D66 keurt de handelswijze van de burgemeester in dit proces af en dient samen met andere fracties hiertoe een motie van afkeuring in. Daarbij spreken we de hoop en verwachting uit dat de burgemeester in toekomstige vergelijkbare situaties zich wel neutraal opstelt.

Afgelopen zaterdag hebben D66 en Venray Lokaal het CDA laten weten het vertrouwen in wethouder Loonen op te zeggen. Maandag heeft het CDA ons laten weten de wethouder te blijven steunen. Wanneer er een motie van wantrouwen gesteund zou worden, zou ook wethouder Thielen opstappen. Daarmee zou de gemeente Venray volgens het CDA onbestuurd worden achtengelaten. Gevraagd werd dit in onze overwegingen mee te nemen. Ons standpunt is onveranderd gebleven. Na de vergadering hebben wij het CDA gevraagd of het vertrek van mevrouw Thielen het einde van de coalitie betekent. Het antwoord was hierop: “Ja”. Daarop hebben VenrayLokaal en D66 alle fracties uitgenodigd om vandaag (01-07) om tafel te gaan over de ontstane situatie.

De vraag hoe nu verder is op dit moment moeilijk te beantwoorden. D66 Venray trekt hier een grens door een motie van wantrouwen voor wethouder Loonen mee in te dienen. Dit betekent echter niet dat wij weglopen van onze verantwoordelijkheid. Wij blijven bereid die te dragen, in het belang van de gemeente Venray.

Hopelijk kunnen wij jullie snel meer duidelijkheid bieden. Voor eventuele vragen of aan-, of opmerkingen kunt u altijd contact met ons opnemen.

Met vriendelijke groet,

Daan Janssen, fractievoorzitter D66 Venray

Gepubliceerd op 01-07-2021 - Laatst gewijzigd op 01-07-2021